De start van de hockeywedstrijd en hervatting na onderbrekingen
Hockey kent net als iedere andere sport een bepaalde manier van starten. Een hockeywedstrijd start dus volgens vaste regels. Daarnaast zijn er vaste regels voor spelhervattingen tijdens een hockeywedstrijd, bijvoorbeeld als de bal over de zijlijn is gegaan. Hieronder hebben wij de regels voor de start van een hockeywedstrijd en ook de regels voor spelhervattingen tijdens een hockeywedstrijd verzameld en op een rij gezet.
Beginslag, de start van de hockeywedstrijd:
Om een wedstrijdhelft te beginnen en het spel na het maken van een doelpunt te hervatten, wordt een beginslag genomen. Daarvoor gelden de volgende regels:
-
Een beginslag wordt genomen vanaf het midden van het veld.
-
De bal mag in elk gewenste richting worden geslagen of gepusht en alle andere spelers dan de speler die de beginslag neemt moeten op hun eigen helft van het speelveld zijn.
-
Wordt bij de aanvang van de wedstrijd genomen door een speler van het team dat bij de toss niet de speelrichting koos.
-
Wordt na een doelpunt genomen door een speler van het team waartegen het doelpunt is gemaakt.
Uitvoering beginslag en hockeywedstrijd spelhervattingen:
Voor het nemen van een beginslag, het nemen van een lange corner, bij inslaan van de zijlijn of uitslaan gelden de volgende bepalingen:
-
Alle tegenstanders op ten minste 5 meter van de bal.
-
De bal moet worden geslagen of gepusht.
-
De bal moet minstens 1 meter worden verplaatst.
Na het nemen van de slag of push mag een medespeler de bal pas spelen nadat deze tenminste 1 meter is verplaatst. -
De speler die de slag of push neemt mag de bal niet tweemaal spelen, noch binnen speelafstand van de bal blijven of komen voor die door een andere speler van een der teams is gespeeld.
-
De bal niet opzettelijk omhoog spelen en niet gevaarlijk of op een wijze die tot gevaarlijk spel leidt.
Bal buiten het speelveld:
Als de bal geheel over een zijlijn of achterlijn uit het speelveld gaat, is het spel onderbroken en moet her worden hervat op een van de hierna genoemde wijzen:
-Inslaan na bal over de zijlijn:
-
van de zijlijn nabij de plaats waar de bal uitging.
-
de speler die de inslag neemt, hoeft niet helemaal binnen, noch helemaal buiten de zijlijn te zijn.
-
door een speler van de tegenpartij.
-Uitslaan na de bal over de achterlijn via een aanvaller (geen doelpunt gemaakt):
-
van een plaats niet meer dan 14,63 meter van de binnenkant van de achterlijn recht tegenover de plek waar de bal over de lijn ging.
-
door een verdediger.
-Lange corner na bal zonder opzet over de eigen achterlijn (geen doelpunt gemaakt):
-
van de zijlijn op 5 meter van de hoekvlag die het dichts staat bij de plaats waar de bal over de achterlijn ging.
-
door een aanvaller.
-Nadat een speler de bal met kennelijk opzet over zijn eigen achterlijn heeft gespeeld en geen doelpunt is gescoord:
-
met een vrije slag vanaf de achterlijn binnen de cirkel op 9 meter van een doelpaal.
-
te nemen door een aanvaller.
De uitvoering van deze spelhervatting tijdens een hockeywedstrijd is dus gelijk aan die van een strafcorner (zie ook regel 15.2).
Bij toepassing van deze regel dient rekening te worden gehouden met de voorrechten die een doelverdediger heeft bij het keren van een schot op zijn doel.
Ook als een speler of zijn team meermalen opzettelijk de bal over de eigen achterlijn speelt wordt het spel steeds met een strafcorner hervat. Wel kan tegen een speler die deze wijze van spelen misbruikt, wegens tijdrekken of spelbederf aanvullend met een vermaning of persoonlijke bestraffing worden opgetreden.